simonsships


Zeilen

Courses
Vergroot

Hoewel de meeste zeilschepen uitgerust zijn met een hulpmotor, zijn de zeilen het belangrijkste middel voor voortstuwing. Deze beschrijving is beperkt tot de zeilen gebruikt op zeilschepen met drie of meer masten. Er worden vier typen zeil op deze schepen gebruikt dat zijn: ra-zeil; gaffelzeil; driehoekigzeil en lijzeil.

Een rechthoekig zeil bevestigd aan een horizontale ra aan een mast werd als eerste gebruikt (Griekse galei, vikingschip). Dit type zeil is zeer goed voor voor de wind zeilen, maar tegen de wind zeilen is onmogelijk. Deze vroege schepen waren daarom uitgerust met rijen roeiriemen om ook tegen de wind aandrijving te hebben.
Driehoekige zeilen werden onafhankelijk van elkaar uitgevonden in China, Midden-Amerika en rond de Middellandse zee. In tegenstelling tot een ra-zeil kan met dit zeil aan de wind worden gezeild.

Grote zeilschepen hebben, afhankelijk van hun gebruik, een mix van deze twee zeiltypes. Oceaan zeilende windjammers (barken en volschepen) die gebruik maken van de heersende wind en in staat zijn zeer lange rakken voor de wind te varen, zijn voornamelijk uitgerust met ra-zeilen. Kustschepen of schepen gebruikt in de Middellandse of Cara´bische zee moeten op korte afstand kunnen koersen en zijn daarom uitgerust met gaffelzeilen (schoeners en barkentijnen).

Sailname
Vergroot
Squaresail
Vergroot

Ra-zeilen

Dit type zeil wordt aan een ra haaks op de middenlijn van het schip gehesen. Grote zeilschepen hebben een aantal ra-zeilen per mast, wat resulteert in een zeer groot zeiloppervlak (de Japanse Kaiwo Maru heeft 1.791 m2 of 19.278 ft2 aan ra-zeil).

Deze zeilen worden over het algemeen genoemd naar het mast(deel) waaraan zij zijn bevestigd maar er zijn uitzonderingen. Het onderste zeil wordt van voor naar achter: fok; grootzeil en begijn genoemd.
Het tweede zeil van onder is het marszeil met de volgende namen per mast: vˇˇrmarszeil; grootmarszeil; en kruiszeil.
Het derde zeil van onder: vˇˇrbramzeil; grootbramzeil en grietje en het vierde zeil van onder: vˇˇrbovenbramzeil; grootbovenbramzeil en bovengrietje.
Aan de grote mast kunnen nog een scheizeil en een klapmuts worden toegepast. Bij de bestaande vier-mastschepen komen geen volschepen voor, dus de vierde mast heeft geen ra's.
Toen grote zeilschepen als windjammers werden ge´ntroduceerd werden het marszeil en bramzeil te groot en zwaar om te kunnen hanteren. Tegenwoordig zijn op de meeste schepen deze zeilen gesplitst in een onder- en bovenzeil. Voor de marszeilen wordt dat dan ondermarszeil en bovenmarszeil. Er bestond echter al een bovenbramzeil, het gesplitste bramzeil wordt daarom onderbramzeil en topbramzeil genoemd.

De ra-zeildelen worden als volgt benoemd: de bovenrand: bovenlijk; de onderrand: onderlijk en de beide zijkanten (links en rechts) lijken. De onderste hoeken zijn de schoothoeken en de bovenste de tophoeken.

Referenties

Wikepedia: nl.wikipedia.org/wiki/Razeil
Sailing ships: sailing-ships.oktett.net/square-rigging.html (Engels)

NAAR BOVEN

Gybing
Vergroot
Spanker
Vergroot
Gaffsail naming
Vergroot

Gaffelzeilen

Alle zeilschepen hebben minstens ÚÚn gaffelzeil: de bezaan. De bezaan is gezet aan de achterste mast. De belangrijkste functie, naast bijdragen aan de voortstuwing, is assisteren bij het door de wind gaan en gijpen van het schip. Als het schip door de wind gaat, loeft het op (draait naar de wind) en draait de boeg door de wind tot de wind van de andere zijde van het schip komt. Bij gijpen valt het schip af (keert de achtersteven naar de wind) en beweegt met de achtersteven door de wind. In beide situaties, wanneer de boeg of de achtersteven naar het oog van de wind wijst , wordt de bezaan naar de andere zijde van het schip gezet en de achterzijde van het schip wordt naar de loefzijde gedwongen.

Gaffelzeilen zowel als de bezaan kunnen worden gereefd (d.i. het zeiloppervlak verminderen) door de gaffel te laten zakken. Het overtollige zeil wordt op de giek gebonden met zeilknuttels. De Duitse bezaan is een uitzondering. Dit type bezaan is gesplitst in een bezaan en een bovenbezaan. Het zeiloppervlak wordt verminderd door de bovenbezaan in te nemen.

Schoeners en barkentijnen zijn schepen met gaffelzeilen aan alle masten (schoener), of alle masten behalve de voorste (barkentijn). De benaming van de zeilen is: schoenerzeil aan de fokkemast (alleen bij schoeners), grootzeil aan de grote mast en bezaan aan de bezaanmast. In het geval van een viermast schip, is aan de derde (kruis)mast een kruiszeil gezet.

Gaffelzeildelen hebben de volgende namen: de bovenzijde: bovenlijk, onderzijde: onderlijk, de achterzijde: achterlijk en de zijde tegen de mast: voorlijk. De onderste hoek tegen de mast is de halshoek en de bovenste hoek (tegen de mast) klauwhoek. De twee andere hoeken zijn schoothoek (onder) en tophoek (boven).

Referenties

Wikepedia: nl.wikipedia.org/wiki/Gaffel_(zeilen)
Sailing ships: sailing-ships.oktett.net/gaff-sail.html (Engels)

NAAR BOVEN

Staysails
Vergroot
Gripe
Vergroot
Gafftopsail
Vergroot
Triangular sail
Vergroot

Driehoekige zeilen

Driehoekige zeilen worden op nogal wat manieren gebruikt. Op volschepen en barken wordt dit zeil gebruikt als stagzeil en kluiver. Kluivers worden gezet aan de stag tussen de fokkenmast en de boegspriet. Een dwarsgetuigd schip heeft vaak vier kluivers, maar dat kunnen er ook vijf zijn. De benaming is van voor naar achter: jager; buitenkluiver, kluiver, binnenkluiver, vˇˇrstengestagzeil en fokkenstagzeil. Mogelijke combinaties zijn:

  1. jager; buitenkluiver; binnenkluiver en fokkenstagzeil, of
  2. jager; buitenkluiver; binnenkluiver en vˇˇrstengestagzeil, of
  3. buitenkluiver; binnenkluiver; vˇˇrstengestagzeil en fokkenstagzeil, of
  4. jager; buitenkluiver; binnenkluiver; vˇˇrstengestagzeil en fokkenstagzeil, of
  5. buitenkluiver; kluiver; binnenkluiver; vˇˇrstengestagzeil en fokkenstagzeil, of
  6. jager; buitenkluiver; kluiver; binnenkluiver en vˇˇrstengestagzeil, of
  7. jager; buitenkluiver; kluiver; binnenkluiver en fokkenstagzeil, of
  8. jager; buitenkluiver;kluiver;binnenkluiver; vˇˇrstengestagzeil en fokkenstagzeil.

Stagzeilen worden gezet tussen de grote mast en de fokkenmast; van de bezaanmast naar de grote mast en in geval van een viermast schip (of een driemast volschip) tussen de kruismast en de grote mast. Stagzeilen worden genoemd naar de stag waaraan zij zijn gezet. Omdat een stag wordt genoemd naar het mastdeel wat het ondersteunt, leidt dit van dek naar de top tot de volgende benaming in geval van de grote mast: grootstagzeil; grootstengestagzeil; grootbramstagzeil en grootbovenbramstagzeil. Wanneer twee stagen met stagzeilen hetzelfde mastdeel ondersteunen wordt de benaming voorafgegaan door onder en boven. Dezelfde benaming is van toepassing bij de andere masten echter de twee bovenste stagzeilen tussen de bezaanmast en grote of kruismast hebben afwijkende namen nl. vlieger en bovenvlieger.

Kluivers en stagzeilen verbeteren het aan de wind varen van dwarsgetuigde schepen. Daarnaast worden zij gebruikt om de koers van het schip te trimmen. Dwarsgetuigde schepen zijn loefgierig, dit betekend dat het schip de neiging heeft de boeg naar de wind te keren. Door de winddruk op de achterste masten wordt de achterzijde naar lijzijde (van de wind af) gedrukt. Door kluivers te zetten kan deze neiging worden geneutraliseerd.

Een speciaal driehoekig zeil is het gaffeltopzeil. Deze wordt samen met een zogenaamde Duitse bezaan toegepast en komt voornamelijk voor op in Duitsland gebouwde schepen.
Zo'n topzeil wordt ook toegepast bij schoeners en barkentijnen. Net als bij gaffeltopzeil wordt deze gezet boven de gaffel. Deze schepen worden dan ook topzeilschoener of topzeilbarkentijn genoemd.

De onderdelen van een driehoekig zeil hebben de volgende benaming: de bovenhoek is de tophoek en de onderste de halshoek. De vertikale zijde langs de mast of stag is het voorlijk. De derde hoek (tegenover de mast of stag) is de schoothoek.

Referenties

Wikepedia: nl.wikipedia.org/wiki/Kluiver
Wikepedia: en.wikipedia.org/wiki/Staysail (Engels)
Wikepedia: en.wikipedia.org/wiki/Topsail#Gaff_rig (Engels)

NAAR BOVEN

Studding sail
Vergroot

Lijzeilen

Een speciaal soort zeil is het lijzeil. Bij clippers (niet bij windjammers) kunnen sommige ra's worden verlengd met een bakspier. Dit is een beweegbare verlenging van de ra. Zowel aan stuur- als aan bakboord kunnen extra zeilen worden gehesen. Deze zeilen worden genoemd naar het naasthangende zeil: onderlijzeil; marslijzeil en bramlijzeil. Afhankelijk van de mast kan dit worden voorafgegaan door vˇˇr of groot en stuur- of bakboord als indicatie van de zijde.

Referenties

DBNL: www.dbnl.org/tekst/_tij003191301_01/_tij003191301_01_0021.php
Vaartips: www.vaartips.nl/extra/lijzeilen.htm

NAAR BOVEN